Teambuilding

Hij laat zich makkelijk verdwijnen naar de achtergrond. Hij staart voor zich uit en wordt niet onrustig, krijgt geen honger en hoeft niet naar de wc. Net haalde hij diep adem en trok zichzelf terug naar zijn pen en papier. Hij is al lang alleen met mijn gedachten. Het is gezonder als ze op papier gaan wonen, want in zijn hoofd jagen ze hem op met zwepen en razende honden. De enige weg die ze openlaten, eindigt. Ze vertelden hem dat het eindigt bij een rand, hoog, en één laatste stap.

            Nu weet hij dat we niet bestaan uit gedachten. Hij heeft bondgenoten die hem andere verhalen vertellen. Zachter en vol keuzes en geborgenheid weten ze hem te vinden, te lokken, te leven. Dat vieren we en we voelen ons dan wild en vrij.

            In de verte hoort hij een grauwelende hondenstem en hij rent weer. Dit keer komen zijn ledematen hem redden door te deserteren. “Als je ons niet liefhebt,” fluisteren ze, “zal je ons ook niet krijgen en we weigeren je te laten gaan. Dat mes pakken we niet. Die stap zetten we niet. Je verraadt ons en wij blijven wel, maar je krijgt ons pas terug als je weer weet wat je bent.”

“En dan nog iets –

we zullen je altijd vergeven.”

8